Volgens Milieu Centraal (stand 14 oktober 2026) kost een all-electric lucht-waterwarmtepomp van 8 kW zo’n € 12.000, inclusief btw en plaatsen en vóór subsidie. Voor een bodemwarmtepomp noemt Milieu Centraal zo’n € 30.000. Met de ISDE-subsidie van 2026 komt die lucht-waterwarmtepomp bij energielabel A+++ netto uit rond € 9.000, als je aan de voorwaarden voldoet. In een enquête van eind 2023 voor de Installatiemonitor 3.0 noemden eigenaren van een all-electric warmtepomp een gemiddelde investering van € 15.000, de ISDE niet meegerekend.
De bedragen hieronder komen uit openbare, onafhankelijke bronnen, zoals Milieu Centraal, en staan met datum vermeld.
Milieu Centraal noemt voor een all-electric warmtepomp met buitenunit zo’n € 12.000, inclusief btw en plaatsen. Dat bedrag geldt voor 8 kW, een vermogen dat volgens Milieu Centraal meestal past bij een tussenwoning, hoekwoning of kleine twee-onder-een-kapwoning.
Het praktijkcijfer van € 15.000 komt uit de Installatiemonitor 3.0, een onderzoek in opdracht van RVO, Techniek Nederland en Netbeheer Nederland. Het is het gemiddelde dat eigenaren van een all-electric warmtepomp eind 2023 in een enquête noemden, de ISDE niet meegerekend. De woningen in de Installatiemonitor waren wel groter dan gemiddeld, circa 175 m² tegen 120 m² in Nederland.
Met een bodembron noemt Milieu Centraal zo’n € 30.000. De hogere kosten komen door de installatie van de bodembron. Welk type bij welk gebouw past, lees je in Soorten warmtepompen: welke past bij welk gebouw.
Een offerte voor een all-electric warmtepomp bestaat uit meer dan het toestel:
Daar staat tegenover dat je geen vastrecht voor gas meer betaalt als de gasaansluiting verdwijnt. Milieu Centraal rekent daarvoor met € 360 per jaar. All-electric vraagt wel ruimte in huis. Als minpunt noemden all-electric-eigenaren in de Installatiemonitor vooral de benodigde ruimte (30%), met name door het buffervat.
Bestaande woning. Volgens Milieu Centraal is all-electric geschikt als je huis redelijk tot goed geïsoleerd is: minstens 8 tot 12 centimeter dak- en vloerisolatie (Rc-waarde 2,5 of meer), spouwmuurisolatie en HR++-glas. Isolatie die nog ontbreekt, komt dus bij de kosten. Ook de verbruikscijfers van Milieu Centraal verderop gaan uit van een bestaande woning waarvan de isolatie en installaties al zijn verbeterd. Of je huis geschikt is, lees je in Warmtepomp in een bestaande woning.
Nieuwbouw. Bij nieuwbouw zit de warmtepomp meestal in de koop- of aanneemsom. ISDE-subsidie is er dan doorgaans niet, want RVO vraagt een bouwjaar vóór 1 januari 2019. Meer in Warmtepomp nieuwbouw: keuze, kosten, subsidie en regels.
Een warmtepomp presteert het best als het verwarmingswater niet heet hoeft te zijn. Dat zie je terug in de SCOP: de geleverde warmte gedeeld door het stroomverbruik over een stookseizoen. Hoe hoger de SCOP, hoe minder stroom je nodig hebt voor dezelfde warmte. In de Installatiemonitor haalden all-electric warmtepompen met alleen radiatoren gemiddeld een SCOP van 3,2, met alleen vloerverwarming 3,8.
Volgens de onderzoekers weegt de geschiktheid van de afgifte bij all-electric zwaarder, omdat er op koude momenten geen gasketel bijspringt voor heter verwarmingswater. Bij woningen met alleen vloerverwarming is waarschijnlijk meer aandacht besteed aan het geschikt maken voor verwarmen op lage temperatuur.
Met radiatoren kan het ook, als ze bij een lagere watertemperatuur genoeg warmte afgeven. Soms zijn daarvoor grotere radiatoren of convectoren nodig. Milieu Centraal geeft een eenvoudige test: zet je cv-ketel in de winter op 50 graden en kijk of het warm blijft in huis. Meer in Warmtepomp met radiatoren: kan het en wat is nodig? en Warmtepomp en vloerverwarming: zo werkt de combinatie.
In 2026 bestaat de ISDE voor een eerste lucht-waterwarmtepomp uit € 1.025, plus € 225 per kW, plus € 200 bij energielabel A+++, met een minimum van € 500. Bij 8 kW met A+++ is dat € 3.025. Het voorbeeld van Milieu Centraal komt dan netto uit rond € 9.000.
Dit zijn belangrijke voorwaarden volgens RVO:
Controleer vóór de aankoop of de warmtepomp op de meldcodelijst staat. Dat is het overzicht van RVO met warmtepompen die al eerder zijn goedgekeurd voor de subsidie. Staat hij er niet op, dan kun je toch subsidie aanvragen, met de productbeschrijving en technische documentatie erbij. Voldoet de warmtepomp dan niet aan de eisen, dan wijst RVO de aanvraag af.
Voor 2027 zijn wijzigingen voorgenomen die nog niet definitief zijn (RVO, 14 oktober 2026): € 120 per kW in plaats van € 225, een A+++-bonus van € 250 en € 200 extra voor warmtepompen die via EEBus, S2 of Matter met andere apparaten communiceren. Voor een warmtepomp die vóór of op 31 december 2026 is gekocht en in 2027 wordt geïnstalleerd, geldt volgens het voornemen nog € 225 per kW, zonder de bonus voor slimme aansturing en zonder de hogere energielabelbonus. Bij de aanvraag lever je dan een bewijs van die aankoopdatum in, zoals een opdrachtbevestiging uit 2026 of een getekende offerte. Hoe je de ISDE in 2026 aanvraagt, lees je in ISDE-subsidie warmtepomp: voorwaarden in 2026.
De maandlasten van een warmtepomp zijn vooral stroomkosten. De Installatiemonitor rekent het gasverbruik voor verwarming om naar warmte (m³ × 0,90 × 9,77 kWh) en deelt die door de SCOP. Voor de voorbeeldwoning uit het rapport (1.000 m³ gas voor verwarming en 200 m³ voor warm water) en een stroomprijs van € 0,26 per kWh komt dat uit op:
| Situatie | SCOP verwarming | Stroom per jaar | Per maand |
|---|---|---|---|
| Gemiddelde all-electric | 3,52 | 3.220 kWh | ca. € 70 |
| Alleen vloerverwarming | 3,8 | 3.036 kWh | ca. € 66 |
| Alleen radiatoren | 3,2 | 3.470 kWh | ca. € 75 |
| Vermogen op woninggrootte, niet op verbruik | 3,0 | 3.653 kWh | ca. € 79 |
Inclusief 722 kWh voor warm water (SCOP 2,3). Eigen berekening met de rekenwijze en waarden uit de Installatiemonitor 3.0, bijlage G. De SCOP van 3,0 is gemeten bij een groep grotere woningen waar het vermogen op de woninggrootte was gekozen terwijl maar een klein deel werd verwarmd; hier ter illustratie toegepast op dezelfde voorbeeldwoning. Hetzelfde geldt voor de SCOP van 3,8 en 3,2, die bij verschillende groepen woningen horen. Volgens de onderzoekers is bij woningen met alleen vloerverwarming waarschijnlijk meer aandacht besteed aan het geschikt maken voor verwarmen op lage temperatuur, en bij woningen met alleen radiatoren misschien minder. Meetperiode januari 2023 tot januari 2026, zonder extreem koude dagen.
Milieu Centraal komt voor een goed geïsoleerde hoekwoning met twee personen, die eerst 950 m³ gas gebruikte, op 3.400 kWh en € 720 per jaar. Dat is € 60 per maand. Daarbij gelden andere aannames dan bij de Installatiemonitor, onder meer een gemiddelde langetermijnprijs voor stroom in plaats van € 0,26 per kWh. De uitkomsten zijn daarom niet één op één te vergelijken.
Het zijn jaargemiddelden. In de winter vraagt een warmtepomp veel stroom voor verwarmen. Een groter vermogen dan nodig maakt een warmtepomp ook niet zuiniger: bij grotere woningen met een vermogen op de woninggrootte zakte de SCOP van all-electric installaties van 3,8 naar 3,0. Welke ontwerpkeuzes de SCOP verder bepalen, lees je in Rendement warmtepomp: 6 ontwerpkeuzes die de SCOP bepalen.
De terugverdientijd is de netto investering gedeeld door wat je per jaar minder aan energie betaalt. Milieu Centraal rekent voor de hoekwoning hierboven met € 1.000 per jaar minder energiekosten dan met een hr-ketel, uitgaand van de gemiddelde gas- en stroomprijs voor 2026–2040. In dat bedrag zit ook het vastrecht voor de gasaansluiting, want die heb je dan niet meer nodig. Met de ISDE van 2026 is de rekensom (€ 12.000 − € 3.025) / € 1.000 per jaar: ongeveer 9 jaar.
Kosten voor het verwijderen van de gasaansluiting, aanpassingen aan afgifte of elektra, onderhoud en financiering zijn in deze rekensom niet meegenomen. Een hogere investering, een lagere SCOP of minder gasverbruik vooraf maakt de termijn langer. Het rekenvoorbeeld van de Installatiemonitor 3.0 (1.200 m³ gas, gerekend met € 1,20 per m³ en € 0,26 per kWh, zonder vastrecht) komt op circa € 600 per jaar minder energiekosten dan met een cv-ketel. De aannames verschillen, net als bij de maandlasten.
In de Installatiemonitor noemden eigenaren onafhankelijkheid van aardgas (72%) als belangrijkste reden voor hun warmtepomp, sterker dan kostenbesparing.
Een hybride warmtepomp werkt samen met een cv-ketel. Milieu Centraal noemt ongeveer € 6.200, of ongeveer € 8.300 met een cv-ketel erbij (stand 22 juli 2026), en ziet hybride als mogelijkheid voor een matig geïsoleerde woning. Je woning blijft dan wel op het gas; eigenaren van een hybride noemden dat in de Installatiemonitor het belangrijkste nadeel. In de voorbeeldwoning van het rapport daalt de CO2-uitstoot met hybride ongeveer 46%, met all-electric ongeveer 70%. Hybride is zo een tussenstap op weg naar volledig aardgasvrij. Wat all-electric van een woning vraagt, lees je in All-electric warmtepomp: wat het is en wanneer het kan.
Milieu Centraal noemt voor een all-electric lucht-waterwarmtepomp van 8 kW zo’n € 12.000, inclusief btw en plaatsen, vóór subsidie. Voor een bodemwarmtepomp is dat zo’n € 30.000 (stand 14 oktober 2026). In een enquête van eind 2023 (Installatiemonitor 3.0) noemden all-electric-eigenaren een gemiddelde investering van € 15.000, de ISDE niet meegerekend. Aanpassingen aan radiatoren of elektra kunnen erbij komen.
Vooral stroom. Milieu Centraal komt voor een goed geïsoleerde hoekwoning op € 720 per jaar, € 60 per maand, gerekend met een langetermijnprijs. Met de rekenwijze van de Installatiemonitor 3.0 en € 0,26 per kWh kost de warmtepomp bij een eerder gasverbruik van 1.200 m³ ongeveer € 66 tot € 79 per maand, afhankelijk van de SCOP. De aannames verschillen.
Voor het jaarverbruik uit het voorbeeld van Milieu Centraal (3.400 kWh) heb je op jaarbasis ongeveer 9 tot 10 panelen van 435 Wp nodig. Acht leveren zo’n 3.000 kWh, tien zo’n 3.800 kWh. Maar een warmtepomp vraagt in de winter veel stroom, juist als panelen weinig opwekken. Opgewekte stroom wegstrepen tegen je verbruik (salderen) stopt per 1 januari 2027.
Milieu Centraal komt voor een goed geïsoleerde hoekwoning op € 1.000 per jaar minder energiekosten dan met een hr-ketel, met de gemiddelde gas- en stroomprijs voor 2026–2040. Daarin zit ook het vastrecht voor de gasaansluiting, die bij all-electric niet meer nodig is. Bij andere energieprijzen, een ander verbruik of een lagere SCOP valt de besparing anders uit.
Met de cijfers van Milieu Centraal (€ 12.000 aanschaf, ISDE 2026 van € 3.025 en € 1.000 lagere energiekosten per jaar) is het ongeveer 9 jaar. Dat geldt voor een goed geïsoleerde hoekwoning die van het gas af gaat, met energieprijzen gemiddeld over 2026–2040. Aanpassingen aan afgifte of elektra, onderhoud en een lagere SCOP maken de termijn langer.
De prijs van een warmtepomp volgt uit het ontwerp. Als woningeigenaar loop je dat traject met je installateur. Bij de offerte kun je deze punten navragen.
Ben je installateur of bouwpartij, dan kun je terecht bij DHPS, officieel verkooppunt van Panasonic Aquarea en leverancier van onder meer Kronoterm en Qvantum. DHPS levert alleen all-electric, toetst een aanvraag eerst technisch en denkt mee over vermogen, afgifte, warm water en elektra.